Beregenen heeft altijd impact op de grond

25 oktober 2016 - Expertartikel

Beregenen is precisiewerk. Met de beperktere bemestingsnormen is het de kunst op het juiste moment de juiste hoeveelheid water te geven. Grondonderzoek en vochtsensors kunnen elkaar op een zeer nuttige manier versterken, legt Altjo Medema van Dacom Farm Intelligence uit.

“Beregenen is altijd een aanslag op je grond. Het is de kunst om dat zo precies mogelijk te doen. Op het juiste moment en de juiste hoeveelheid.” Altjo Medema is key accountmanager bij Dacom Farm Intelligence, de nieuwe naam voor Dacom en Crop-R. Deze ‘databedrijven’ zijn in september samen gegaan. Het bedrijf heeft veel expertise op het gebied van water, beregening en de relatie tot nutriënten. Het is dan ook bekend van de vochtsensors en bijbehorende software.

Nieuwe inzichten voor de boer

Sinds enkele jaren staat de pF-curve op het verslag van de grondanalyses van Eurofins Agro. De pF-curve wordt getoond op de analyseverslagen van BemestingsWijzer Extra en Compleet. Voor Dacom is dat interessante informatie. “De pF-curve laat duidelijk zien wat de maximaal te beregenen hoeveelheid water is voor een perceel, gebaseerd op de fysische bodemeigenschappen klei, silt en zand (textuurkengetallen) en organische stof. Telers hebben op deze manier veel meer inzicht. Ze voorkomen hiermee dat er teveel in één keer beregend wordt, waardoor kostbare nutriënten kunnen uitspoelen. Bovendien is teveel beregenen economisch gezien zeer inefficiënt. De kosten die voor beregenen worden gemaakt, bijvoorbeeld de diesel, zijn deels zinloos. Want als de grond verzadigd is, spoelt het water af of het verplaatst zich naar diepere lagen waar het gewas er niets aan heeft.”

Te lang gewacht, te veel gegeven

Volgens Medema is het vooral de kunst om op een goede manier naar beregening te kijken. “Realiseer je dat beregening altijd impact heeft op de grond. Het is een aanslag op de grond, die wel heel erg nodig kan zijn voor het gewas. Een aanslag op de structuur, het bodemleven en het wortelgestel. Het is de kunst om te balanceren. Niet te veel beregenen, niet te weinig. En op het juiste moment! Vaak wachten telers te lang, want ‘misschien valt er nog een bui deze week’. Het gewas kan dan echter al een groeiachterstand hebben die niet meer (volledig) te corrigeren is. Vervolgens wordt er daarna extra veel gegeven, voor de zekerheid, in de veronderstelling dat het gewas dan wel wat extra kan gebruiken. Op dat moment is er in een korte periode al twee keer een fout gemaakt.”

Klimaatverandering maakt het actueel

Volgens Medema is er in de landbouw nog veel winst te behalen op het gebied van efficiënt beregenen. “Er is steeds meer aandacht voor, zeker ook in relatie tot klimaatverandering. In Nederland, maar zeker ook wereldwijd, zijn er steeds vaker extremen. Droge en juist hele natte periodes kunnen elkaar afwisselen. Dit jaar was vooral de enorme hoeveelheid regen in Noord-Brabant en Limburg opvallend in Nederland. Dat heeft tot grote schade geleid. In andere delen zien we nog veel grotere extremen.”

Hulpmiddelen om de juiste beslissingen te maken

Het antwoord op deze onzekere factoren is gelegen in kennis, vindt Medema. “Het grondonderzoek vergroot de kennis van de teler op het gebied van nutriënten, bodemstructuur, bodemleven en nu dus ook de beregeningsmogelijkheden. Vochtsensors geven actuele informatie over de daadwerkelijke vochttoestand in de bodem en houden rekening met de weersverwachtingen. Het helpt telers om de juiste beslissingen te nemen.”

In Europa is dat zeker in relatie tot mestwetgeving heel belangrijk. “Nutriënten zijn schaarser geworden, je kunt ze maar één keer goed gebruiken. Verlies aan nutriënten door teveel beregening betekent ook direct verlies aan opbrengst en omzet. Het is prettig dat we dat nu met diverse tools goed kunnen voorkomen.”