Hooi of voordroog voeren aan uw paard?

18 juli 2016 - Expertartikel

Wat is het verschil tussen hooi en voordroog? En wanneer kan ik het ruwvoer laten bemonsteren? Deze vragen krijgt Eurofins regelmatig vanuit de paardenhouderij.

Ruwvoer is een belangrijke energiebron voor paarden. Bovendien bestaat het rantsoen voor het grootste deel uit ruwvoer, dat realiseren paardenhouders zich vaak onvoldoende. Een goede ruwvoeropname is een must voor zowel de opname van voedingsstoffen als de benutting van het krachtvoer. Is de verhouding krachtvoer/ruwvoer uit balans? Dan kan dit leiden tot ongewenste gezondheidsklachten bij uw paard en daarmee gepaard gaande kosten. De kwaliteit van het ruwvoer bepaalt mede hoeveel uw paard eet en hoe goed het erop kauwt. De voerbehoefte verschilt per paard en is afhankelijk van het type, gewicht, leeftijd en de mate van beweging die het krijgt.

Hooi en voordroog zijn twee verschillende manieren om gras te conserveren en bewaren. Beiden zijn geschikt als ruwvoer voor uw paard. De verschillende vorm van conservering heeft effect op de kwaliteit en voor- en nadelen van deze producten. We zetten het voor u op een rij:

 

 

Hooi

Hooi is gras dat geconserveerd is middels droging tot minimaal zo’n 80-85% droge stof. Vaak wordt het gras geoogst zodra het in de bloei staat of net daarna. Het gewas bevat dan veel ruwe celstof en droogt relatief snel. Een paard heeft ruwe celstof nodig om goed te kauwen. Voldoende kauwen heeft een positieve invloed op het verteringstelsel. Hooi fermenteert nauwelijks, omdat het een zeer beperkte hoeveelheid vocht bevat. Het fermentatieproces wordt bijna volledig stopgezet. Hooi is dus stabiel en kan langere tijd probleemloos worden bewaard.

Te vochtige hooibalen

Het is belangrijk dat het gras lang genoeg is gedroogd. Bij het maken van hooibalen met een te hoge vochtigheid kan hooibroei optreden. Bij dit proces zetten aerobe bacteriën nuttige voedingstoffen om in ongewenste zuren en stijgt de temperatuur van het hooi. Dit kan leiden tot de groei van ongewenste bacteriën, gisten en schimmels wat een gezondheidsrisico vormt voor uw paard. Bij een te hoge temperatuur karamelliseren (verbranden) de suikers in het product en begint het hooi extra te ruiken. In het ergste geval stijgt de temperatuur dermate dat spontane ontbranding een reëel risico is, met alle gevolgen van dien.

 

 

Voordroog

Voordroog wordt ook wel graskuil of kuil genoemd en is een resultaat van conservering door fermentatie. Het gras wordt net als bij hooi eerst gedroogd, echter minder lang. We spreken van voordroog dat geschikt is voor paarden als het minimaal zo’n 60% droge stof bevat. Dit product is populair in Nederland, omdat we niet altijd voldoende zonuren hebben om het gras volledig te drogen zoals we dit doen bij hooi. Kenmerkend voor voordroog is dat het altijd luchtdicht verpakt dient te worden. Zodra het ruwvoer luchtdicht afgesloten is, beginnen goede bacteriën met het omzetten van suikers in onder andere melkzuur en azijnzuur. Afhankelijk van het vochtgehalte zal de pH zakken totdat een stabiele waarde is bereikt. Door het zuurdere milieu stopt de groei van bacteriën en wordt de kuil stabiel. Een goed geslaagde voordroog ruikt lekker.

 

 

Risico’s voordroog

Voordroog krijgt een slechte kwaliteit wanneer het proces van conserveren te lang duurt. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij een te natte voordroog, teveel zand in het product (uitgedrukt in Ruw As) of niet luchtdicht afgesloten balen. Ongewenste bacteriën, gisten en schimmels krijgen dan de ruimte om te groeien. Het product conserveert niet goed, ruikt zuur  en dient weggegooid te worden. Bij een slecht geconserveerde voordroog liggen gezondheidsklachten als diarree en koliek op de loer. Belangrijk is dus dat de balen goed ingewikkeld zijn. Het plastic waarin de balen zijn gewikkeld is gevoelig voor Ultraviolet licht. Dit maakt plastic in de loop van de tijd poreus. Balen die buiten liggen kunnen niet langer dan één jaar worden gevoerd, daarna loopt de kwaliteit snel terug. Bewaar balen die u langer wilt gebruiken daarom altijd uit de zon.

Hooi en voordroog kunnen zo’n 4-6 weken na de oogst bemonsterd worden voor het bepalen van de voederwaarde en kwaliteit.

Ga naar https://eurofins-agro.com/nl-nl/product/voederwaarde/equifeed om uw ruwvoeranalyse te bestellen.