Ken de bodem: van monitoren naar sturen
17 december 2025 - Akkerbouw - Veehouderij
In het kader van een onderzoeksproject van PPS BAAT naar toekomstgerichte bemestingsadviezen, heeft Eurofins Agro bij akkerbouwers en melkveehouders de hoeveelheid minerale stikstof (nitraat en ammonium) in de diepere bodemlagen gemeten. Deze metingen geven inzicht in de stikstofvoorraad die na de teelt nog in de bodem aanwezig is. Het uitgangspunt is simpel: blijft er aan het einde van de teelt veel stikstof achter, dan is de stikstofefficiëntie van het voorgaande gewas laag geweest. Die resterende stikstof had beter benut moeten worden.
Het inzaaien van een groenbemester of vanggewas direct na de oogst, kan helpen om deze overgebleven stikstof alsnog te benutten. Lukt dat niet, dan gaat de stikstof verloren. En gezien de huidige beperkingen rondom stikstofgebruik is het juist belangrijk om stikstof zo efficiënt mogelijk te benutten.
Analyses voor een optimale startbemesting
Eurofins Agro biedt verschillende analyses om daarbij te helpen. Aan het begin van de teelt is het bepalen van de hoeveelheid minerale stikstof essentieel om de basisbemesting op af te stemmen. Is de hoeveelheid hoog, dan kan de startgift omlaag. Dat principe is niet nieuw, maar wel actueler dan ooit door de aangescherpte stikstofregels. Naast minerale stikstof is het ook belangrijk om inzicht te krijgen in de stikstof die nog uit mineralisatie kan vrijkomen: het stikstof leverend vermogen van de bodem. In graslandbemesting wordt dit al veel gebruikt, maar in de akkerbouw nog nauwelijks. Binnen de PPS BAAT wordt hier onderzoek naar gedaan. Op basis van zowel de aanwezige minerale stikstof als het stikstofleverend vermogen kan de basisbemesting nauwkeuriger bepaald worden.
Rekening houden met gewas- en rasbehoefte
Daarbij moet ook rekening worden gehouden met de behoefte van het gewas of het ras. Die kan flink verschillen: bij consumptieaardappelen kan dit verschil wel oplopen tot 100 kg stikstof per hectare. Als een ras minder nodig heeft, bemest het dan ook niet te zwaar. Tijdens de teelt is het belangrijk om zicht te houden op de resterende bemestingsbehoefte. Blad- en bodemanalyse geven inzicht in wat nog in de bodem zit en wat het gewas inmiddels heeft opgenomen. Elk jaar is anders, en tijdig bijsturen op basis van actuele metingen helpt om de stikstofbenutting verder te optimaliseren.
Grote variatie in stikstof- en kaliumwaarden
Onderstaande figuur toont de metingen van afgelopen jaar in consumptieaardappelen (laag 0–30 cm). De spreiding is groot, zowel in stikstof als in kalium. Waarden boven de 600 kg stikstof per hectare zijn opvallend hoog. De kans is dan groot dat ook aan het einde van de teelt veel stikstof achterblijft - een duidelijk teken van lage benutting. Dat moet en kan beter.
Daarnaast is het belangrijk om niet alleen naar stikstof of kalium te kijken. Een tekort aan sporenelementen of andere nutriënten remt groei en ontwikkeling, waardoor de potentie van gewas of ras niet wordt benut. Een tekort aan fosfaat kan bijvoorbeeld leiden tot een lagere stikstofefficiëntie. Bladanalyses brengen tekorten aan het licht; bodemanalyse laat zien wat er nog beschikbaar is. Door beide te combineren ontstaat een compleet beeld. Op deze manier kan de efficiëntie van stikstof én andere nutriënten tijdens de teelt worden verhoogd. Dat helpt om een optimale opbrengst te realiseren en verliezen te beperken.
Bron: Data Eurofins Agro BodemCheck-analyses 2025.
Wil je meer weten over de BodemCheck? Neem dan contact op met onze klantenservice via agro@ftbnl.eurofins.com. Ben je overtuigd en wil je meteen bestellen? Dat kan via onderstaande bestelknop.